ECLI:NL:RBDHA:2023:4378
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag BPM gebaseerd op juiste kilometerstand en waardevermindering bevestigd
Eiser maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM die was gebaseerd op een lagere kilometerstand en een hogere waardevermindering wegens schade dan door eiser gesteld. De rechtbank oordeelde dat eiser aannemelijk had gemaakt dat de kilometerstand van 21.795 juist was, maar dat de waardevermindering wegens schade te hoog was ingeschat in het taxatierapport, dat was gebaseerd op een ander automerk.
De rechtbank ging mee in de herberekening van Dienst Domeinen Roerende Zaken, die uitkwam op een lagere schadewaardering passend bij het type auto van eiser. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat de kennisgeving geen bindende toezegging bevatte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de naheffingsaanslag.
Vanwege de overschrijding van de redelijke termijn in bezwaar- en beroepsfase kende de rechtbank eiser een immateriële schadevergoeding toe van €500 en een proceskostenvergoeding van €837. De uitspraak werd gedaan door rechter G.J. Ebbeling op 29 maart 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM wordt ongegrond verklaard en een vergoeding wegens termijnoverschrijding toegekend.