Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
ernstigeinbreuk op de lichamelijke integriteit volgt de rechtbank niet. Eiser is voor het gepleegde misdrijf veroordeeld tot een gevangenisstraf van éénentwintig maanden, waarvan zeven maanden voorwaardelijk, zodat alleen hierom al sprake is van een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit. Het strafvonnis van de rechtbank Den Haag van 16 juli 2018 [8] waarnaar eiser heeft verwezen, leidt niet tot een andere conclusie. In die zaak is door het relatief geringe steekletsel in de arm, de laconieke houding van het slachtoffer en de omstandigheid dat het slachtoffer geen aangifte heeft gedaan, bepaald dat geen sprake is van een
ernstigeinbreuk op de lichamelijke integriteit. Daarvan is in eisers geval geen sprake.
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser inzake het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit, tot een bedrag van € 418,50 (vierhonderdachttien euro en vijftig cent);
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond.
www.rechtspraak.nl.