Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres diende op 21 april 2022 een asielaanvraag in. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 21 oktober 2022 eindigen. Met de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 op 27 september 2022 werd deze termijn met negen maanden verlengd, waardoor de nieuwe beslistermijn op 21 juli 2023 zou eindigen.
Eiseres stelde op 17 november 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag en stuurde een ingebrekestelling op 1 november 2022. De staatssecretaris nam op 8 december 2022 een inwilligend besluit. De rechtbank oordeelt dat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig is en dat de ingebrekestelling daarom prematuur was. Hierdoor ontbreekt het aan een procesbelang voor het beroep.
De rechtbank volgt de vaste rechtspraak dat een individuele kennisgeving van verlenging niet vereist is zolang deze via Staatscourant is gepubliceerd. De stelling van eiseres dat zij individueel geïnformeerd had moeten worden, wordt verworpen. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.