Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende op 17 november 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 27 april 2022. De staatssecretaris nam op 2 februari 2023 een inwilligend besluit, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelt dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden was verlengd met negen maanden door de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 op 27 september 2022. Hierdoor was de ingebrekestelling van 1 november 2022 te vroeg en het beroep niet-ontvankelijk.
Omdat het beroep niet ontvankelijk was, is er geen sprake van tegemoetkoming in de zin van artikel 8:75a Awb. Daarom wijst de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van de proceskosten wordt afgewezen omdat het beroep niet-ontvankelijk was.