ECLI:NL:RBDHA:2023:5295
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortzetting maatregel van bewaring in vreemdelingenrecht ongegrond verklaard
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank toetste of sinds het sluiten van het vorige onderzoek op 24 februari 2023 de maatregel nog rechtmatig was.
Eiser voerde aan dat zijn medische en psychische klachten onvoldoende waren betrokken bij de beslissing om de maatregel voort te zetten en dat een lichter middel had moeten worden toegepast. De rechtbank overwoog dat verweerder aan zijn onderzoeksplicht had voldaan door onder meer overleg met de medische dienst en dat geen bijzondere omstandigheden waren gebleken die een lichter middel rechtvaardigen.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat verweerder voldoende voortvarend werkt aan de uitzetting naar Marokko en dat er zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn. Eiser werkt niet mee aan terugkeer, waardoor het risico op voortzetting van de maatregel voor zijn rekening komt.
Gelet op het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 8 november 2022 werd de rechtmatigheid ambtshalve getoetst en geen onrechtmatigheid vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.