Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
de rechtbank begrijpt: bij een afspraak eerder dan 12 mei 2020)ook gebaad. Mijn dochter zonder kleren. Hij zei dat het werk nog niet klaar was. Hij moest bij mijn dochter nog 2 keer gaan. Toen zei ik, weet je, als mijn dochter komt dan wil ik er ook bij zijn. Want het is een manpersoon. Ik had ook het gevoel dat hij iets deed, want zo zonder kleren. Ik vertrouwde hem wel, want hij was de [naam] . Maar hij zei dat ik er niet bij kon zijn, want dan zou de slang mij gaan pakken.
de rechtbank begrijpt: op 12 mei 2020) ben ik niet geweest. Ik vroeg mijn dochter of alles goed gegaan was. Ze begon te huilen. Ik vroeg wat er was. Ze was helemaal emotioneel, verdrietig, bang. Ze zei, dat hij haar helemaal bloot in huis liet lopen. De [naam] zei dat ze haar kleren uit moest doen. En ze moest door de woonkamer lopen en op de bank gaan liggen. En daarna ging hij met die olie bij haar borst en met haar poenie een beetje spelen.
hetwas gebeurd maar dat zij het tegen niemand mocht vertellen. Ook dat is een zelfstandige, eigen waarneming die in voldoende mate de aangifte ondersteunt.
‘iets dieper’was en dat het ongeveer tien seconden heeft geduurd.
panditeen bedreigende situatie en/of ongelijkwaardige situatie heeft doen ontstaan, waardoor die [slachtoffer] zich niet kon verzetten.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
first offenderen doet zijn werk als priester al jaren naar tevredenheid van zijn klanten. De raadsman heeft ook aangevoerd dat de redelijke termijn is overschreden.