Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres diende op 20 mei 2022 een asielaanvraag in. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 20 november 2022 eindigen. Met de inwerkingtreding van het Besluit WBV 2022/22 op 27 september 2022 is deze beslistermijn verlengd met negen maanden, waardoor de termijn verlengd werd tot 20 augustus 2023.
Eiseres stelde op 10 januari 2023 een ingebrekestelling op wegens het uitblijven van een besluit en diende op 31 januari 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling te vroeg was, omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken op het moment van de ingebrekestelling.
De rechtbank volgt haar eerdere uitspraken waarin is vastgesteld dat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig is op grond van artikel 42, vierde lid, onder b, van de Vreemdelingenwet. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg ingediend beroep.