Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
(gemachtigde: mr. A.D. Kupelian),
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 1 mei 2023 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 24 mei 2022. Volgens de wettelijke beslistermijn van zes maanden zou de termijn op 24 november 2022 eindigen. Echter heeft de staatssecretaris met de inwerkingtreding van het WBV 2022/22 op 27 september 2022 de beslistermijn met negen maanden verlengd, waardoor de termijn pas op 24 augustus 2023 eindigt.
De rechtbank heeft in eerdere uitspraken geoordeeld dat deze verlenging rechtsgeldig is omdat voldaan is aan de voorwaarden van artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet. De rechtbank ziet geen reden om hiervan af te wijken in deze zaak. Hierdoor was de ingebrekestelling van 8 april 2023 te vroeg ingediend en was de beslistermijn op dat moment nog niet verstreken.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep van eiser kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en griffier N.F. Kreeftmeijer en is openbaar gemaakt op 7 juni 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens een rechtsgeldige verlenging van de beslistermijn.