Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 28 april 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 10 oktober 2022. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 10 april 2023 eindigen. Echter, met de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 is deze termijn met negen maanden verlengd, waardoor de beslistermijn voor eiser pas op 10 januari 2024 afloopt.
De rechtbank heeft in eerdere uitspraken geoordeeld dat de staatssecretaris voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de situatie die de verlenging rechtvaardigt, aanwezig was op het moment van de inwerkingtreding van de WBV 2022/22. De rechtbank ziet geen reden om hiervan af te wijken in deze zaak. Hierdoor was de ingebrekestelling van 14 april 2023 te vroeg, omdat de beslistermijn nog niet was verstreken.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep van eiser tegen het uitblijven van een besluit kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en griffier N.F. Kreeftmeijer, en openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard vanwege een geldige verlenging van de beslistermijn.