ECLI:NL:RBDHA:2023:9342
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling na vertrek met IOM ongegrond
Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit, was onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. Verweerder heeft de bewaring op 13 juni 2023 opgeheven nadat eiser met hulp van IOM naar Nigeria was vertrokken.
De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat de maatregel van bewaring tot het sluiten van het onderzoek rechtmatig was. De beoordeling richt zich nu op de periode daarna. Eiser stelde dat geen zicht op uitzetting binnen redelijke termijn bestond vanwege voorwaarden van een Nigeriaanse kliniek en de afwezigheid van een familielid in Nigeria. De rechtbank stelde vast dat eiser niet volledig meewerkte aan zijn uitzetting en concludeerde dat het zicht op uitzetting niet ontbrak.
De rechtbank vond geen aanwijzingen dat de bewaring onrechtmatig was in de te toetsen periode en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.