ECLI:NL:RBDHA:2023:9837
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op kindgebonden budget gekoppeld aan kinderbijslag door SVB
Eiser ontving een voorschot kindgebonden budget voor 2021, maar de Sociale Verzekeringsbank (SVB) meldde dat hij vanaf 13 juni 2021 geen recht meer had op kinderbijslag voor zijn dochter. Verweerder herzag daarop het kindgebonden budget en kende dit slechts toe tot juni 2021. Eiser stelde dat de adreswijziging van zijn dochter onrechtmatig was en dat het co-ouderschap pas in augustus 2022 was beëindigd, waardoor hij onterecht werd benadeeld.
De rechtbank stelde vast dat het recht op kindgebonden budget wettelijk gekoppeld is aan het recht op kinderbijslag en dat verweerder zich moet baseren op de gegevens van de SVB. De beoordeling van het recht op kinderbijslag valt niet onder de bevoegdheid van verweerder. De omstandigheden rondom de adreswijziging en co-ouderschap zijn voor de toekenning van het kindgebonden budget niet relevant.
Verweerder heeft ook gemotiveerd dat terugvordering van het teveel ontvangen budget niet onevenredig is, omdat er geen bijzondere omstandigheden zijn die matiging rechtvaardigen. Financiële situatie van eiser is geen reden voor matiging. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit tot terugvordering van het kindgebonden budget wordt ongegrond verklaard.