ECLI:NL:RBDHA:2024:1088
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser, een vreemdeling van Tunesische nationaliteit, werd op 17 april 2023 een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had de maatregel reeds eerder getoetst en verklaarde deze tot 15 december 2023 rechtmatig.
De beoordeling richtte zich op de periode tussen 15 december 2023 en de opheffing van de maatregel op 19 januari 2024. Eiser stelde dat er geen zicht was op uitzetting en dat de belangenafweging ten onrechte pas na het instellen van beroep plaatsvond. De staatssecretaris betoogde dat zijn belangen zwaarder wogen en dat hij voortvarend had gehandeld, onder meer door contact met Tunesische autoriteiten en het doen van rappel op de laissez-passer aanvraag.
De rechtbank oordeelde dat er geen aanwijzingen waren dat Tunesië geen laissez-passer zou verstrekken en dat de belangenafweging terecht in het voordeel van eiser was uitgevallen op 19 januari 2024. De voortzetting van de maatregel was daarom niet onrechtmatig. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.