ECLI:NL:RBDHA:2024:11666
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf in kader nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de minister van Asiel en Migratie op een aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis voor eiser en zijn minderjarige kinderen.
De rechtbank constateert dat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is verstreken zonder dat een besluit is genomen. Eiser heeft de minister rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep tijdig ingediend. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig genomen besluit.
De rechtbank legt een nieuwe beslistermijn van acht weken op, rekening houdend met de verstreken tijd en de bijzondere omstandigheden rondom gezinshereniging bij houders van een asielvergunning. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €7.500. De minister wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen, proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten.