ECLI:NL:RBDHA:2024:13279
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, is op 10 april 2024 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank heeft het onderzoek gesloten op 16 augustus 2024 zonder zitting. Uit eerdere uitspraken volgt dat de maatregel tot 15 juli 2024 rechtmatig was. De beoordeling richt zich daarom op het voortduren van de maatregel vanaf die datum.
Eiser voerde aan dat er geen zicht is op uitzetting naar Algerije vanwege het ontbreken van een datum voor een verplichte presentatie. De rechtbank oordeelt echter dat uitzetting binnen redelijke termijn mogelijk is en dat eiser onvoldoende inspanningen verricht om een laissez-passer te verkrijgen. Verweerder handelt voortvarend door contact met de Tunesische autoriteiten en het voeren van vertrekgesprekken.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.