Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, werd op 21 januari 2024 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij voerde aan dat de maatregel onrechtmatig was vanwege schending van artikel 5.3 van het Vreemdelingenbesluit 2000 en dat hij Nederland daadwerkelijk had verlaten en een vaste verblijfplaats had bij zijn zwangere vriendin.
De rechtbank oordeelde dat ondanks mogelijke tekortkomingen in de informatieverstrekking, eiser voldoende in staat was gesteld rechtsmiddelen effectief uit te oefenen. Uit onderzoek bleek dat eiser niet aannemelijk had gemaakt Nederland daadwerkelijk en effectief te hebben verlaten en dat hij geen vaste woon- of verblijfplaats had. De rechtbank verwierp ook het betoog dat lichtere maatregelen dan bewaring passend waren, mede gelet op het risico op onttrekking.
Verder werd geoordeeld dat eerdere inbewaringstellingen en de lopende aanvraag voor een laissez passer geen zicht op uitzetting uitsluiten. De maatregel van bewaring werd niet onrechtmatig bevonden en het beroep werd ongegrond verklaard. Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.