ECLI:NL:RBDHA:2024:14976

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
29 augustus 2024
Publicatiedatum
20 september 2024
Zaaknummer
NL24.924
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in bestuursrechtelijke vreemdelingenzaak

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 29 augustus 2024 uitspraak gedaan over het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster tegen de afwijzing van haar aanvraag door de minister van Asiel en Migratie. De aanvraag was oorspronkelijk op 7 juli 2023 afgewezen en het bezwaar daarop op 14 december 2023 eveneens. Verzoekster had beroep ingesteld en tevens om een voorlopige voorziening verzocht.

Op 22 mei 2024 vond de zitting plaats waarbij verzoekster, haar gemachtigde, de gemachtigde van verweerder en een tolk aanwezig waren. Tevens verschenen informanten als getuigen. De voorzieningenrechter overwoog dat aangezien de hoofdzaak (zaaknummer NL24.923) inmiddels was behandeld en uitspraak was gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.

Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter G.P. Loman en griffier M.M. van Luijk - Salomons en is uitgesproken in het openbaar. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld en uitspraak is gedaan.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.924
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster], V-nummer: [V-nummer] , verzoekster (gemachtigde: mr. J.M. Walther),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, (gemachtigde: mr. C.J. Ohrtmann).

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster tegen de afwijzing van de aanvraag van verzoekster.
2. Verweerder heeft deze aanvraag met het besluit van 7 juli 2023 afgewezen. Met het bestreden besluit van 14 december 2023 op het bezwaar van verzoekster is verweerder bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de beroepszaak NL24.923 op 22 mei 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, de gemachtigde van verzoekster, mr. F. Kelder (kantoorgenoot van mr. J.M. Walther), de gemachtigde van verweerder en A. Ben Mohammed als tolk. Tevens zijn op zitting als informanten verschenen: [A] , [B] en [C] .

Overwegingen

4. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.923, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep van verzoekster. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.M. van Luijk - Salomons, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
29 augustus 2024

Documentcode: [documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.