ECLI:NL:RBDHA:2024:16080
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor meerdere personen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend, waarna de rechtbank zonder zitting uitspraak deed op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De rechtbank constateert dat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, heeft overschreden zonder besluit te nemen. Eiser heeft verweerder rechtsgeldig in gebreke gesteld en tijdig beroep ingesteld. De rechtbank acht het beroep kennelijk gegrond.
Gezien de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning, legt de rechtbank een nadere beslistermijn op van acht weken, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom opgelegd van €100 per dag met een maximum van €7.500.
Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442, proceskosten van €437,50 en vergoeding van het griffierecht van €187. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn een besluit te nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten.