ECLI:NL:RBDHA:2024:16089
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor verblijf bij haar referent. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend, waarna de rechtbank zonder zitting uitspraak doet.
De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, op 28 december 2023 is verstreken zonder besluit. Eiseres stelde verweerder op 9 januari 2024 rechtsgeldig in gebreke en diende het beroep tijdig in op 22 april 2024. Het beroep wordt kennelijk gegrond verklaard.
De rechtbank legt een termijn van acht weken na verzending van de uitspraak op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd voor overschrijding. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442 en de proceskosten van €437,50 aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen en een dwangsom opgelegd.