ECLI:NL:RBDHA:2024:16173
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingebrekestelling bij Dublinonderzoek
Eiser diende op 6 oktober 2022 een asielaanvraag in. Verweerder verzocht Italië om overname op grond van de Dublinverordening, welke op 23 januari 2023 werd geaccepteerd. Echter oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak op 26 april 2023 dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Italië niet langer geldt vanwege het ontbreken van opvangfaciliteiten, waardoor verweerder verantwoordelijk werd voor de behandeling van de asielaanvraag.
De wettelijke beslistermijn van zes maanden vangt daarom aan op 26 april 2023 en zou eindigen op 26 oktober 2023. Door de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 werd deze termijn met negen maanden verlengd tot 26 juli 2024. De rechtbank bevestigde de geldigheid van deze verlenging.
Eiser stelde verweerder op 10 juni 2024 in gebreke, maar dit was nog binnen de verlengde beslistermijn. Hierdoor was de ingebrekestelling prematuur en voldoet het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb. De rechtbank verklaarde het beroep dan ook niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.