Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van oktober 2022. De rechtbank beoordeelt het beroep buiten zitting op grond van artikel 8:54 van Pro de Awb.
Verweerder heeft onderzocht of Nederland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag, mede op basis van de Dublinverordening en de Vreemdelingenwet 2000. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft geoordeeld dat Nederland sinds 26 april 2023 verantwoordelijk is voor de behandeling, omdat overdracht aan Italië niet mogelijk is.
De beslistermijn vangt aan op 26 april 2023 en zou eindigen op 26 oktober 2023, maar is verlengd met negen maanden door de WBV 2022/22, waardoor deze op 26 juli 2024 eindigt. De maximale termijn van 21 maanden na indiening mag echter niet worden overschreden, wat leidt tot een uiterste beslistermijn van 14 juli 2024.
De ingebrekestelling van 27 maart 2024 is daarom prematuur ingediend, waardoor het beroep niet-ontvankelijk is. De rechtbank ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ingebrekestelling prematuur is ingediend.