Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor zijn echtgenote en kinderen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit en dat het beroep tijdig is ingediend na twee ingebrekestellingen.
De beslistermijn van verweerder was uiterlijk 19 januari 2024, maar er is geen besluit genomen. De rechtbank stelt vast dat sprake is van een bijzonder geval bij nareisaanvragen van houders van een asielvergunning, waardoor een langere beslistermijn dan de standaard twee weken passend is. De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder moet beslissen, tenzij nader onderzoek wordt aangekondigd, dan geldt een termijn van twintig weken.
Verder legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €7.500. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442, de proceskosten van €437,50 en het griffierecht van €187. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig genomen besluit vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen bij overschrijding.