Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
[minderjarige 1] en [minderjarige 2]V-nummers: [V-nummer 2] en [V-nummer 3]
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres diende op 1 november 2022 een asielaanvraag in. Verweerder vroeg op 20 december 2022 Italië om overname van de asielzoeker op grond van de Dublinverordening. Italië accepteerde dit verzoek op 21 februari 2023. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde op 26 april 2023 dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Italië niet langer geldt vanwege het ontbreken van opvangfaciliteiten, waardoor verweerder verantwoordelijk werd voor de behandeling van de asielaanvraag.
De beslistermijn van zes maanden volgens artikel 42 Vreemdelingenwet Pro startte daarom op 26 april 2023 en zou eindigen op 26 oktober 2023. De beslistermijn werd echter verlengd met negen maanden door de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 op 27 september 2022, waardoor de termijn verlengd werd tot 26 juli 2024. De rechtbank acht deze verlenging rechtsgeldig.
Eiseres stelde verweerder op 1 juni 2024 in gebreke, maar op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken. Hierdoor is het beroep tegen het uitblijven van een besluit kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en doet de uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard.