ECLI:NL:RBDHA:2024:18942
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring in vreemdelingenrecht
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 23 september 2024 door de minister van Asiel en Migratie is opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft eerder op 8 oktober 2024 geoordeeld dat de maatregel tot dat moment rechtmatig was, waardoor alleen de periode na 2 oktober 2024 relevant is voor beoordeling.
Eiser stelde primair dat het voortduren van de maatregel na 2 oktober 2024 in strijd is met de wet en subsidiair dat het voortduren na belangenafweging niet gerechtvaardigd is. De rechtbank oordeelt dat eiser deze stellingen onvoldoende heeft onderbouwd en geen nieuwe feiten heeft aangevoerd die aanleiding geven tot een ander oordeel dan in de eerdere uitspraak.
De rechtbank concludeert dat het voortduren van de maatregel van bewaring rechtmatig is gebleven en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wijst zij het verzoek om schadevergoeding af. Verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.