Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
€ 437,50 (vierhonderdzevenendertig euro en vijftig cent);
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag van 22 juli 2023 voor verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor verblijf bij referent en haar twee kinderen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank behandelt de zaak zonder zitting en wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling toe wegens betalingsonmacht.
De rechtbank constateert dat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, heeft overschreden en dat het beroep tijdig is ingediend na ingebrekestelling. Gezien de aard van de aanvraag acht de rechtbank dit een bijzonder geval en legt een termijn van acht weken op voor het nemen van een besluit, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Verweerder wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van € 7.500. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van € 1.442 en de proceskosten van € 437,50. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn een besluit te nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen onder dreiging van dwangsommen.