ECLI:NL:RBDHA:2024:19462
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning opvolgende rechterlijke machtiging op grond van de Wet zorg en dwang wegens gedragsmatig verzet
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) heeft een verzoek ingediend voor een opvolgende rechterlijke machtiging voor de duur van twee jaar ten aanzien van cliënt, die lijdt aan een uitgebreide neurocognitieve stoornis in het kader van dementie. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 23 oktober 2024.
Cliënt vertoont gedragsmatig verzet tegen het verblijf in de accommodatie, zoals beschreven door de verzorgende, die meldde dat cliënt regelmatig bij de uitgang is en aandringt om naar buiten te mogen. Dit verzet is niet inhoudsloos of ongericht. De advocaat van cliënt voerde aan dat opname op vrijwillige basis kan worden voortgezet omdat cliënt nauwelijks nog verzet toont, en dat de medische onderbouwing onvoldoende is voor een machtiging van twee jaar.
De rechtbank overweegt dat cliënt ernstig nadeel ondervindt door haar psychogeriatrische aandoening en dat voortzetting van het verblijf noodzakelijk en geschikt is om dit te voorkomen. Er zijn geen minder ingrijpende middelen beschikbaar. Gezien het late indienen van het verzoek en de summiere medische verklaring, verleent de rechtbank de opvolgende machtiging voor de duur van één jaar, en wijst het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: De rechtbank verleent een opvolgende machtiging voor verblijf in een accommodatie voor de duur van één jaar.