ECLI:NL:RBDHA:2024:22462
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht aan Bulgarije in asielprocedure
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd om te voorkomen dat hij wordt overgedragen aan Bulgarije in het kader van de Dublinverordening, zolang zijn beroep tegen het niet in behandeling nemen van zijn asielaanvraag loopt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang omdat verzoeker, indien hij niet meewerkt, binnen korte tijd alsnog gedwongen kan worden overgedragen. Dit zou zijn rechtspositie nadelig beïnvloeden. Daarnaast heeft verzoeker medische stukken overgelegd waaruit blijkt dat hij psychische problemen heeft die door de overdracht kunnen verergeren.
De rechtbank stelt dat de minister zich ervan had moeten vergewissen dat overdracht niet leidt tot onherstelbare achteruitgang van de gezondheid van verzoeker. Gelet op het belang van verzoeker om zijn beroep in Nederland af te wachten en de medische risico's, weegt dit zwaarder dan het belang van de minister om de overdracht uit te voeren.
De voorlopige voorziening wordt daarom toegewezen, waardoor de overdracht wordt opgeschort totdat op het beroep is beslist. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de overdracht van verzoeker aan Bulgarije totdat op het beroep is beslist wegens spoedeisend belang en medische risico's.