ECLI:NL:RBDHA:2024:23372
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot vernietiging ontslag op staande voet wegens overschrijding vervaltermijn
De werkneemster is op 24 april 2024 op staande voet ontslagen door haar werkgever, Jumbo Supermarkten B.V., wegens een vermeende ernstige vertrouwensbreuk. Zij verzocht de kantonrechter het ontslag te vernietigen en betaling van loon te gelasten, stellende dat het ontslag niet rechtsgeldig was en niet onverwijld was gegeven.
Jumbo voerde verweer en stelde dat het verzoek niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat het niet binnen de wettelijke vervaltermijn van twee maanden was ingediend. De kantonrechter oordeelde dat de vervaltermijn aanving op 25 april 2024, de dag na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, en eindigde op 24 juni 2024. Het verzoekschrift was echter op 26 juni 2024 ingediend, waardoor het te laat was.
De kantonrechter verwierp het verweer van de werkneemster dat het ontslag pas op 26 april 2024 ter kennis was gekomen en dat de vervaltermijn daarom later zou zijn begonnen. Tevens werd geoordeeld dat de ontslagverklaring de werkneemster tijdig had bereikt via e-mail, gelet op eerdere e-mailcorrespondentie.
Daarom werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard en werd de werkneemster veroordeeld in de proceskosten van €949,-. De beschikking is op 24 december 2024 uitgesproken door mr. N.F.H. van Eijk.
Uitkomst: Het verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de vervaltermijn.