ECLI:NL:RBDHA:2024:4003
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverwijzing naar Denemarken
Eiser, met Iraanse nationaliteit, vroeg op 8 oktober 2023 asiel aan in Nederland. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Denemarken op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is, wat Denemarken ook heeft bevestigd.
Eiser stelde dat het besluit onzorgvuldig was omdat hij niet persoonlijk is gehoord en dat hij mishandeld was in Denemarken, waar hij niet adequaat behandeld werd. Ook vreesde hij een lange gevangenisstraf en verwees naar zijn psychische en verslavingsproblematiek.
De rechtbank oordeelde dat eiser voldoende in kennis was gesteld van het gehoor en dat het niet verschijnen zonder afmelding geen verschoonbare reden was. Verweerder had eiser ook de mogelijkheid gegeven zijn bezwaren schriftelijk kenbaar te maken.
Verder vond de rechtbank dat verweerder terecht geen gebruik hoefde te maken van de discretionaire bevoegdheid om de aanvraag toch in behandeling te nemen, omdat eiser onvoldoende onderbouwing leverde voor zijn medische klachten en mishandeling, en het vertrouwensbeginsel in de Deense zorg gerechtvaardigd was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.