ECLI:NL:RBDHA:2024:6551
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel bewaring vreemdeling zonder zicht op uitzetting naar Algerije
De rechtbank Den Haag heeft op 1 mei 2024 uitspraak gedaan over het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was eerder getoetst bij uitspraken van 4 maart en 25 maart 2024. De rechtbank beoordeelt nu of de maatregel sinds 18 maart 2024 rechtmatig is.
Eiser stelde dat er geen zicht is op uitzetting naar Algerije binnen een redelijke termijn, verwijzend naar brieven van de staatssecretaris en een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De rechtbank concludeert echter dat uit het voortgangsrapport blijkt dat er vertrekgesprekken zijn gevoerd, een laisser-passer is aangevraagd en dat de Algerijnse autoriteiten meewerken aan de uitzettingsprocedure. De verwijzingen van eiser doen aan dit oordeel niet af.
De rechtbank ziet ook geen aanleiding om ambtshalve tot een ander oordeel te komen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard.