ECLI:NL:RBDHA:2024:6948
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen informatiebrief intrekking tijdelijke bescherming Oekraïense derdelanders
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een brief van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin werd meegedeeld dat haar tijdelijke bescherming op grond van Richtlijn 2001/55/EG eindigt. De rechtbank heeft het beroep buiten zitting behandeld op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 16 april 2024 (ECLI:NL:RBDHA:2024:5415) waarin is geoordeeld dat een dergelijke brief geen besluit vormt, maar slechts informatie geeft over de gevolgen van een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De tijdelijke bescherming eindigt van rechtswege op 4 maart 2024.
Omdat een besluit volgens artikel 1:3 Awb Pro een juridisch gevolg moet beogen en alleen tegen besluiten beroep kan worden ingesteld (artikel 8:1 Awb Pro), is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de informatiebrief over het einde van tijdelijke bescherming wordt niet-ontvankelijk verklaard.