ECLI:NL:RBDHA:2024:7033
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen informatiebrief intrekking tijdelijke bescherming
De eiser heeft beroep ingesteld tegen een brief van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin werd meegedeeld dat zijn tijdelijke bescherming eindigt. De rechtbank oordeelt dat deze brief geen besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), maar slechts een informatieve mededeling over de gevolgen van een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De brief roept geen nieuwe juridische gevolgen in het leven en is daarmee niet vatbaar voor beroep. Dit volgt uit artikel 1:3 en Pro 8:1 van de Awb, die bepalen dat alleen besluiten kunnen worden aangevochten. De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Partijen wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen de informatiebrief over het einde van de tijdelijke bescherming wordt niet-ontvankelijk verklaard.