ECLI:NL:RBDHA:2024:8216
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening Kroatië afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Tevens verzocht eiser om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen totdat het beroep is beslist.
De rechtbank overweegt dat Nederland een verzoek tot terugname aan Kroatië heeft gedaan, dat door Kroatië is aanvaard. Eiser stelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Kroatië niet meer geldt, onder verwijzing naar het meest recente AIDA-rapport 2022, dat volgens hem niet door de Afdeling bestuursrechtspraak is beoordeeld.
De rechtbank volgt echter de eerdere uitspraak van de Afdeling van 13 september 2023, waarin is geoordeeld dat pushbacks in Kroatië geen reden meer zijn om het vertrouwensbeginsel te verwerpen. Het rapport biedt geen aanwijzingen dat Dublinclaimanten risico lopen op pushbacks of onzorgvuldige behandeling. Daarom is het beroep ongegrond en kan eiser worden overgedragen aan Kroatië. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.