ECLI:NL:RBDHA:2024:9438
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank vernietigt niet tijdig beslissen op asielaanvraag en legt dwangsom op
Eiser diende op 10 oktober 2022 een asielaanvraag in die op 25 april 2023 werd afgewezen. Op 27 juli 2023 trok de staatssecretaris het besluit in zonder een nieuw besluit te nemen, waardoor de beslistermijn werd overschreden. Eiser stelde de staatssecretaris op 29 januari 2024 schriftelijk in gebreke en diende daarna beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit en vernietigt dit. De rechtbank wijst op het belang van zorgvuldige besluitvorming en stelt een termijn van acht weken voor een nieuw gehoor en acht weken daarna voor het nemen van een besluit.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €7.500 voor elke dag overschrijding van deze termijn. De staatssecretaris wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eiser ter hoogte van €437,50.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig nemen van een besluit wordt vernietigd en de staatssecretaris krijgt een dwangsom opgelegd met een termijn voor nieuw besluit.