Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een beroep van een vreemdeling met de Algerijnse nationaliteit tegen een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De maatregel werd opgelegd op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet. Eiser stelde dat de maatregel niet tijdig was omgezet na intrekking van zijn asielverzoek, maar de rechtbank oordeelde dat de omzetting binnen 48 uur had plaatsgevonden, wat voldoende voortvarend handelen betekent.
De rechtbank stelde vast dat de gronden voor de maatregel van bewaring, waaronder het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou bemoeilijken, feitelijk juist en voldoende waren. Eiser betwistte deze gronden niet. De ambtshalve toetsing leidde niet tot het oordeel dat de maatregel onrechtmatig was.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter E.J. Govaers op 17 juni 2024 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.