ECLI:NL:RVS:2016:1082
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over vreemdelingenbewaring en toekenning schadevergoeding
De vreemdeling werd op 21 december 2015 en opnieuw op 30 december 2015 in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze bewaringen ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat de maatregel van 30 december 2015 een nieuwe bewaring betreft en niet kan worden gezien als voortzetting van de eerdere maatregel. De rechtbank had het beroep onterecht als een vervolgberoep aangemerkt en daarmee buiten haar bevoegdheid gehandeld. De staatssecretaris had bovendien onvoldoende voortvarend gehandeld door niet tijdig de wettelijke grondslag van de bewaring aan te passen nadat de vreemdeling aangaf geen asiel meer te wensen.
Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank over de bewaring van 30 december 2015 vernietigd en het beroep van de vreemdeling tegen die bewaring gegrond verklaard. De bewaring wordt als onrechtmatig beschouwd vanaf 15 januari 2016. De vreemdeling krijgt een schadevergoeding toegekend over de periode van 15 tot 25 januari 2016. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de bewaring van 30 december 2015 onrechtmatig bevonden en schadevergoeding toegekend.