ECLI:NL:RBDHA:2024:9905
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen fijnstoftoeslag motorrijtuigenbelasting
Eiseres maakte bezwaar tegen een door de Belastingdienst opgelegde fijnstoftoeslag motorrijtuigenbelasting voor de periode van 5 november 2022 tot en met 4 februari 2023 ter hoogte van €33. Zij betaalde het bedrag niet en voerde bezwaar aan tegen de rekening. De Belastingdienst verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiseres verzocht om uitstel van de zitting, maar dit verzoek werd afgewezen omdat het niet tijdig was ingediend en er geen gewichtige redenen waren.
De rechtbank oordeelde dat er tegen de rekening geen rechtsmiddelen openstaan en dat het bezwaar van eiseres daarom zonder voorwerp is. Hierdoor kon het beroep niet slagen. De rechtbank stelde vast dat de Belastingdienst het bezwaar niet ongegrond, maar niet-ontvankelijk had moeten verklaren, maar corrigeerde deze misslag niet omdat dit de belangen van eiseres niet zou dienen.
Ten slotte wees de rechtbank een proceskostenveroordeling af en informeerde partijen over de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken bij het gerechtshof Den Haag. De uitspraak werd gedaan door rechter J.J. Arts op 3 april 2024.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de fijnstoftoeslag motorrijtuigenbelasting is ongegrond verklaard.