ECLI:NL:RBDHA:2024:9958
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediende ingebrekestelling asielaanvraag
Eiser heeft op 11 maart 2024 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag, waarbij hij een ingebrekestelling had ingediend op 21 februari 2024. De rechtbank overweegt dat de beslistermijn voor de asielaanvraag oorspronkelijk zes maanden bedroeg, eindigend op 25 mei 2023, maar dat deze termijn rechtsgeldig is verlengd met negen maanden tot 25 februari 2024 vanwege de inwerkingtreding van de WBV 2022/22.
De rechtbank bevestigt eerdere uitspraken waarin is geoordeeld dat de verlenging van de beslistermijn gerechtvaardigd was op grond van artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet. Omdat de ingebrekestelling werd ingediend voordat deze verlengde termijn was verstreken, wordt deze als prematuur beschouwd.
Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert en griffier A.S.J.I. Hendrickx en openbaar gemaakt op 21 juni 2024.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.