Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres 1] , eiseres 1,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van besluiten op hun aanvragen om machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis en gezinshereniging op grond van artikel 8 EVRM Pro. De minister van Asiel en Migratie heeft niet binnen de wettelijke beslistermijn van 90 dagen een besluit genomen en heeft ook geen verweerschrift ingediend.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door de minister met drie maanden was verlengd, maar dat ook deze termijn op 6 januari 2025 is verstreken zonder besluit. Eisers hebben de minister rechtsgeldig in gebreke gesteld en tijdig beroep ingesteld. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en legt op grond van de Awb een termijn van acht weken op waarbinnen een besluit moet worden genomen, met een langere termijn van twintig weken mogelijk bij nader onderzoek.
Verder bepaalt de rechtbank dat de minister een dwangsom van €100 per dag moet betalen met een maximum van €15.000 en veroordeelt de minister tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442. Ook worden de proceskosten en griffierechten aan eisers toegewezen. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp op 11 juni 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en vergoeding van proceskosten.