Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder(gemachtigde: mr. J. Visschers).
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie om hem over te dragen aan de Belgische autoriteiten op grond van artikel 26, eerste lid, van de Dublinverordening. De voorzieningenrechter had eerder een voorlopige voorziening toegewezen waardoor het besluit werd geschorst.
Tijdens de zitting was de gemachtigde van eiser aanwezig, maar eiser zelf verscheen niet en had sinds februari 2025 geen contact meer met zijn gemachtigde. Ook verweerder was niet op de zitting aanwezig maar reageerde schriftelijk op verzoeken van de rechtbank. Zowel de gemachtigde als verweerder wisten niet waar eiser zich momenteel bevindt.
De rechtbank beoordeelde ambtshalve of eiser procesbelang had bij het beroep. Gelet op de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geldt dat een vreemdeling geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland indien hij zonder mededeling van zijn verblijfplaats vertrekt en geen contact onderhoudt met zijn gemachtigde. Dit oordeel werd ook toegepast op het overdrachtsbesluit.
Omdat eiser geen contact meer had met zijn gemachtigde en zijn verblijfplaats onbekend is, concludeerde de rechtbank dat hij geen actueel en reëel belang heeft bij de inhoudelijke beoordeling van het beroep. Het beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het overdrachtsbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.