Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor haar en haar minderjarige kinderen. De aanvraag was ingediend op 30 mei 2024, en de minister had uiterlijk 28 november 2024 moeten beslissen, maar heeft dit niet gedaan. Eiseres stelde de minister rechtsgeldig in gebreke op 29 november 2024 en diende tijdig beroep in op 3 januari 2025.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de minister niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist. Gelet op de aard van de aanvraag (gezinshereniging bij houder van een asielvergunning) wordt een langere beslistermijn dan de standaard twee weken opgelegd, namelijk acht weken na verzending van deze uitspraak, met een mogelijke verlenging tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat de minister de termijn overschrijdt. De reeds verbeurde dwangsommen van €1.442 worden vastgesteld en de minister wordt veroordeeld tot betaling hiervan aan eiseres. Tevens worden de proceskosten en het griffierecht aan eiseres toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.