ECLI:NL:RBDHA:2025:11853
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet tijdig besluit verlening machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor twee personen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is omdat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is overschreden zonder besluit.
De rechtbank legt op grond van de Algemene wet bestuursrecht een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met de mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd voor het overschrijden van deze termijn.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten van eiser en het betaalde griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert en openbaar gemaakt op 1 juli 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.