ECLI:NL:RBDHA:2025:14168
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.L.M. Steinebach - de Wit
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning regulier zelfstandige wegens ontbreken mvv bij Turkse onderdaan
Eiser, een Turkse onderdaan, diende op 20 september 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor arbeid als zelfstandige. De minister wees deze aanvraag af op 29 november 2023 vanwege het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv), waarvan eiser niet was vrijgesteld. Ook het bezwaar van eiser werd bij besluit van 24 maart 2025 afgewezen.
Eiser stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem, waarbij hij betoogde dat het mvv-vereiste niet tegen hem mocht worden toegepast vanwege strijd met het Turks associatierecht. De rechtbank wees erop dat eerdere uitspraken van dezelfde zittingsplaats (1 november 2024 en 9 april 2025) het mvv-vereiste bij Turkse zelfstandigen als gegrond hadden bevestigd.
De rechtbank oordeelde dat de beroepsgronden van eiser identiek waren aan die in eerdere zaken en dat er geen aanleiding was om daarvan af te wijken. Daarom verklaarde zij het beroep ongegrond, handhaafde de afwijzing van de aanvraag en wees zij de proceskosten en griffierecht af. De uitspraak werd gedaan door rechter A.L.M. Steinebach - de Wit op 29 juli 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van zijn aanvraag om een verblijfsvergunning wordt gehandhaafd.