ECLI:NL:RBDHA:2025:14234
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig besluit machtiging tot voorlopig verblijf in kader nareis asiel
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis voor verblijf bij een referent. De aanvraag werd ingediend op 22 april 2024, en verweerder had uiterlijk 21 oktober 2024 moeten besluiten, maar liet dit na. Na een rechtsgeldige ingebrekestelling op 18 november 2024 stelde eiseres op 12 maart 2025 beroep in, dat tijdig werd geacht.
De rechtbank oordeelt dat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit en verklaart het beroep gegrond. Gelet op de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning, wordt een langere beslistermijn dan de standaard twee weken opgelegd. De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met de mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd.
Daarnaast wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eiseres en moet het betaalde griffierecht vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos op 30 juli 2025 en zonder zitting uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder krijgt een nadere beslistermijn van acht weken opgelegd met een dwangsom bij overschrijding.