Eiser, een Afghaanse elektricien die van 2007 tot 2016 voor de Europese Politie Missie in Afghanistan (EUPOL) heeft gewerkt, verzocht om overbrenging naar Nederland op grond van de Tolkenregeling. Deze regeling biedt bescherming aan lokale medewerkers die werkzaamheden voor Nederlandse militaire missies verricht hebben en daardoor persoonlijk gevaar lopen.
Verweerder wees het verzoek af omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij structureel werkzaamheden voor een Nederlandse EUPOL-functionaris had verricht, noch dat hij daardoor een persoonlijk risico liep. Eiser stelde dat hij wel degelijk voldeed aan de voorwaarden en dat het niet vereist is dat hij specifiek voor een Nederlandse functionaris werkte. Ook voerde hij aan dat het beleid onevenredig zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de Tolkenregeling cumulatieve vereisten kent: een substantiële periode van werkzaamheden voor een Nederlandse missie of functionaris en het aannemelijk maken van persoonlijk risico. Eiser werkte als elektricien voor alle EUPOL-medewerkers en niet specifiek voor Nederlandse functionarissen. De verklaring van een voormalig Advocaat-Generaal was onvoldoende om dit te veranderen. Daarom valt eiser niet onder de regeling.
Het beleid is buitenwettelijk begunstigend en wordt terughoudend getoetst. De rechtbank vond geen bijzondere omstandigheden die een afwijking rechtvaardigen. Het beroep is ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.