ECLI:NL:RBDHA:2025:15152
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering machtiging voorlopig verblijf wegens inburgeringsvereiste in strijd met discriminatieverbod
Eiseres, Marokkaanse nationaliteit, vroeg een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij haar echtgenoot in Nederland te wonen. Verweerder wees de aanvraag af omdat zij niet voldeed aan het inburgeringsexamen in het buitenland en geen vrijstelling kreeg. Eiseres stelde dat het inburgeringsvereiste in strijd is met de Gezinsherenigingsrichtlijn en het discriminatieverbod en dat zij zich voldoende had ingespannen voor het examen.
De rechtbank behandelde het beroep en betrok daarbij eerdere uitspraken van deze rechtbank die het inburgeringsvereiste onverenigbaar achtten met artikel 14 EVRM Pro. Omdat het Hof van Justitie hierover nog moet oordelen, volgde de rechtbank de lijn van deze eerdere uitspraken. Verweerder had eiseres bovendien niet gehoord over haar bezwaar, wat in strijd is met de Awb.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit vernietigd moet worden en verweerder opgedragen moet worden om opnieuw te beslissen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens werden de proceskosten en griffierecht aan eiseres toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; verweerder moet opnieuw beslissen met inachtneming van deze uitspraak.