ECLI:NL:RBDHA:2025:16129
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit nareis asielvergunning
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor drie personen. De minister van Asiel en Migratie heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en gegrond is omdat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is verstreken zonder besluit.
De rechtbank legt op grond van de Algemene wet bestuursrecht een termijn van acht weken op waarbinnen de minister een besluit moet nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd, met een maximum van €15.000. De reeds verbeurde dwangsommen van €1.442 worden vastgesteld.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten van €453,50 en het griffierecht van €194. De uitspraak is gebaseerd op eerdere jurisprudentie en wettelijke bepalingen omtrent beslistermijnen en bestuursrechtelijke dwangsommen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de minister op binnen acht weken een besluit te nemen onder dreiging van dwangsommen.