ECLI:NL:RBDHA:2025:16545
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 26 mei 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel duurt voort en is reeds eerder door de rechtbank getoetst in uitspraken van 27 mei 2025 en 17 juni 2025. De minister heeft de rechtbank op 22 augustus 2025 geïnformeerd over het voortduren van de bewaring, wat gelijkgesteld wordt met een nieuw beroep van eiser.
De rechtbank heeft het vooronderzoek gesloten op 29 augustus 2025 en bepaald dat de zaak niet op zitting zal worden behandeld. De toetsing richt zich op de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel sinds 13 juni 2025, het moment van het sluiten van het eerdere onderzoek. De rechtbank concludeert dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn die de rechtmatigheid van de voortzetting van de bewaring in twijfel trekken.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en blijft de maatregel van bewaring gehandhaafd. De minister hoeft geen proceskosten aan eiser te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en de bewaring blijft gehandhaafd.