ECLI:NL:RBDHA:2025:17421
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling buiten behandeling stellen asielaanvraag en opleggen terugkeerbesluit aan Pakistaanse derdelander
Eiser, een Pakistaanse derdelander die in Oekraïne verbleef en vanwege de oorlog naar Nederland kwam, had recht op tijdelijke bescherming tot 4 september 2025. Hij vroeg asiel aan in Nederland, maar zijn aanvraag werd buiten behandeling gesteld omdat hij meerdere keren zonder geldige reden niet op afspraken verscheen. Daarnaast legde de minister een terugkeerbesluit op, waartegen eiser bezwaar maakte.
De rechtbank oordeelt dat de buiten behandeling stelling terecht is, omdat eiser niet voldoende onderbouwing gaf voor zijn afwezigheid bij gehoorzittingen. Ook het terugkeerbesluit is rechtsgeldig opgelegd, aangezien eiser geen concreet risico op schending van artikel 3 of Pro 8 EVRM aannemelijk maakte. De rechtbank volgt de minister in de motivering en wijst het beroep af.
Verder wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Vanwege een onjuiste vermelding in het bestreden besluit over het terugkeerbesluit en de SIS-signalering wordt de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen het buiten behandeling stellen van de asielaanvraag en het opleggen van het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.