ECLI:NL:RBDHA:2025:1743
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging voorlopig verblijf wegens ontbrekende familierechtelijke band en toestemmingsverklaring
Eiseres, een Oegandese vrouw, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid bij haar gestelde moeder (referente). De minister wees de aanvraag af omdat de familierechtelijke band niet was vastgesteld en de vereiste toestemmingsverklaring van de achterblijvende ouder ontbrak.
Eiseres had meerdere eerdere aanvragen ingediend die eveneens waren afgewezen en in rechte waren bevestigd. De rechtbank oordeelde dat eiseres geen DNA-onderzoek had laten uitvoeren om de familieband aan te tonen en dat de minister terecht een toestemmingsverklaring eiste. De minister had een deskundigenadvies ingewonnen over de authenticiteit van een Oegandese gerechtelijke uitspraak, welke twijfelachtig werd bevonden.
De rechtbank vond dat de minister zorgvuldig had gehandeld en dat eiseres onvoldoende concrete aanknopingspunten had geleverd om het advies te betwisten. Ook was de weigering om een nadere termijn te gunnen voor legalisatie van documenten niet onzorgvuldig. De rechtbank concludeerde dat de afwijzing geen schending van artikel 8 EVRM Pro opleverde omdat de familierechtelijke band niet was vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag mvv wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van familierechtelijke band en toestemmingsverklaring.