ECLI:NL:RBDHA:2025:18423
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet tijdig besluit nareis en oplegging nadere beslistermijn met dwangsom
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor haar familieleden. De minister van Asiel en Migratie heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is omdat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is overschreden zonder besluit.
De rechtbank stelt vast dat bij aanvragen om gezinshereniging van asielgerechtigden sprake is van een bijzonder geval, waardoor een langere beslistermijn dan de standaard twee weken gerechtvaardigd is. De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen de minister een besluit moet nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd.
Verder wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000. De reeds verbeurde dwangsommen van €1.442 worden vastgesteld en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp op 6 oktober 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit wordt vernietigd en de minister wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.